Bali, Costa Rica, Puerto Escondido, en dichter bij huis Hossegor en Taghazout hebben allemaal één ding met elkaar gemeen. Het zijn wereldspots waar de ervaren surfer zijn tanden op stuk kan vallen. De laatste jaren ziet het er echter blauw, groen en geel van de soft tops, officieel gediplomeerde surfleraren, ‘erkende’ surfscholen en toeristen. Een kijkje achter de schermen in Taghazout.

Ik heb zojuist een duikbril gekocht,” vertelt Sebastian uit Polen. “Door het zoute water had ik erg last van mijn ogen, maar dat probleem heb ik nu opgelost. Ik snap niet dat niet alle surfers dat doen. Is het ook niet iets voor jou?” Hij kijkt me aan met enigszins gezwollen, rood doorlopen ogen. “Van surfen weet ik nog niet zoveel, ik denk zeker wel een paar weken nodig te hebben om het echt te leren. Maar ik heb wel veel gesnowboard, dus dat helpt.” De reden dat hij nu, in februari, in Taghazout is? “Ik dacht, ik kan beter in de winter komen, want ‘s zomers is het hoogseizoen. Nu liggen er minder surfers in het water. Ik hou niet zo van drukte, daarom heb ik ook voor een klein dorpje gekozen. Zijn er hier eigenlijk haaien?”

Marokko_surfen_backstage3

 

Sebastian verblijft bij Adventure Keys, één van de dertig surfkampen die Taghazout rijk is. Met de all-inclusive formule is het een makkelijke manier om te leren surfen. Je boekt een ticket en vanaf het moment dat je op het vliegveld van Agadir arriveert, word je aan het handje genomen. ’s Ochtends staat er een ontbijtje klaar, een surfleraar brengt je met de auto naar een surfspot van jouw niveau, je luncht op het strand en ’s avonds eet je in het surfkamp. En dat alles voor maar 350 euro. De eigenaar van Adventure Keys, Youness El Amri, heeft gemiddeld dertig gasten per week. In het laagseizoen, dat voor hem de zomer is, zijn er soms maar een man of zes. In de winter wordt dat weer goedgemaakt met weken van rond de vijftig gasten. Van de dertig surfkampen zijn er vijftien illegaal, volgens Youness. “Veel van de illegale surfkampen zijn hier alleen ’s winters. De eigenaar verdient dan net genoeg om de hele winter lekker te kunnen surfen zonder kosten. Het probleem is dat wij allerlei verzekeringen en vergunningen moeten betalen, en zij niet. De politie heeft dit probleem de afgelopen jaren wel aangepakt. Vorig jaar hebben ze op het strand de surfboards van de illegale kampen in beslag genomen. Ze konden de boards pas terugkrijgen als ze hun vergunning lieten zien. Die boards liggen nu nog op het politiebureau.” Toch is het wel een beetje dubbel, geeft hij toe, want bijna alle kampen hier zijn ooit illegaal begonnen. Zoals op de website van Surf Maroc, de grootste operator, te lezen valt: Surf Maroc was started by Ben and Ollie in 2003, with an old Ford Transit, 5 boards and a few wetsuits. We now have over 40 staff in 3 locations etc.

Bijna alle surfkampen zitten deze week vol. Met dertig kampen en gemiddeld dertig man per kamp, kom je uit op 900 aspirant surfers. In totaal zijn er deze week zo’n drieduizend surfers in Taghazout, schat burgemeester Mohamed Bouaoud. Dat zijn drie keer zoveel surfers als inwoners. “En dan tel ik de mensen in de campers nog niet eens mee. Dat zullen er zo’n vierhonderd zijn.” Die mensen zijn over het algemeen bejaarde Europeanen, veelal Duits. De hele winter staat hun camper aan het strand. Overdag zitten ze ervoor op klapstoeltjes, ’s avonds zitten ze erin. Hun kampeerterritorium wordt dan afgebakend door de geur van sudderlapjes en het geflits van satelliet tv’tjes. Die sudderlapjes halen ze bij de supermarkt in Agadir. De lokale commercie heeft er dus weinig aan. Ze brengen geen problemen, maar ook geen geld. Volgens de burgemeester brengen de surfers ook geen problemen. “Natuurlijk zijn er wat surfers die illegale dingen doen met bijvoorbeeld alcohol en meisjes uit Agadir, maar over het algemeen zijn het hele fijne toeristen. Zelfs de traditionelere inwoners van Taghazout zijn er blij mee, want ze brengen geld. Ze eten in het dorp, ze respecteren mijn inwoners, en mijn inwoners respecteren hen.”

Tot zover de officiële lezing. Volgens Mohamed, eigenaar van Ibis surfshop, is er geen respect. “Ik respecteer de toeristen, maar ze respecteren mij niet. Ze lopen in bikini over straat, in een moslimdorp. Ik bedoel, er wonen hier families! De laatste tien jaar is alles veranderd. Er zijn veel meer toeristen gekomen. Als er ééntje zonder shirt over straat gaat lopen, dan denken de anderen dat zoiets hier normaal is. Nu lopen ze allemaal zonder shirt rond, zelfs de lokale jongens hebben rastahaar en tatoeages. Dat komt allemaal door de toeristen.” De lokale jongens die hij bedoelt, ken ik wel. Sommigen zijn hier al meer dan tien jaar. Ze zijn intussen geen jongens meer, maar jonge mannen. Professional friends, noem ik ze. Hun werk bestaat uit het in hippe surfgear door het dorp lopen en aanpappen met toeristen. Locals bevrienden, een

wereldwijd verspreid toeristisch cliché, is de behoefte waarin de ‘professional friend’ voorziet. En dik voor wordt betaald… Je herkent het vast wel. Je loopt over straat een hoort: “Hey, English, you were here last year, no?” Hij nodigt je uit voor thee en – om te bewijzen dat hij geen profiteur is – staat hij erop de thee voor jou, de rijke toerist, te betalen. Na een weekje rondhangen schenk je hem je board, want och arme, zijn board is al maanden kapot. Een pracht van een altruïstische daad, de endorfine giert door je aderen! Gelukkig weet je niet dat jouw magic boardje, zodra jij je hielen hebt gelicht, in de surfshop staat. Je professional friend heeft er niets aan, want surfen doet ‘ie toch nooit. Soms is dan ook je laptop nog spoorloos, de ochtend nadat jullie je eeuwige vriendschap, met veel alcohol, in je appartement beklonken. Zodra je – een laptop en een surfboard lichter – in het vliegtuig zit, hangen je nieuwe vrienden weer rond in het dorp. “Hey, psst, Germany…”

Marokko_surfen_backstage5

 

Larbi, eigenaar van de Marock ’n Roll surfshop, ziet eruit als een hipster. Een grote volle baard zonder snor, geschoren hoofd en een broek met hoogwater pijpen. Hij ziet het toerisme voornamelijk positief, vooral financieel. Het dorp is veel rijker geworden sinds het toerisme en hij zelf ook. “Ik was de eerste die een surfshop opende in Taghazout. Nu heb ik er inmiddels vijf. De laatste die ik geopend heb is in Anza, bij Dinosaur Point. Daar heb je versteende voetafdrukken van dinosaurussen in het rif. Als kind zagen we ze altijd al, we dachten dat het afdrukken van Ghoul (monsters) waren. Een half jaar geleden kwamen er ineens cameraploegen, om de voetafdrukken te filmen. Ze zijn echt van dinosaurussen, maar niemand weet precies welke soort.” Larbi heeft grootse plannen voor Anza, een industrieel stadje net ten noorden van Agadir. “Anza wordt het volgende Taghazout, en ik heb de eerste surfshop. Vroeger was het water hier vies door de industrie en de rioleringen, maar sinds vorig jaar ligt er een pijplijn die drie kilometer de zee inloopt. Nu is het water schoon, de sloppenwijk is afgebroken en de surfers kunnen komen. We hebben hier vijf goede golven op honderd meter afstand van elkaar. Dinosaur Point is zelfs beter dan Anchor Point. Anza gaat rijk worden.” Maar de levensstijl van de toeristen dan, de alcohol, de sex, het gebrek aan kleding? Larbi denkt even na over een politiek correct antwoord. Kritiek op het toerisme past niet in ‘La Vision 2020’ van de overheid en koning Mohamed VI, dus is het oppassen geblazen. Toch wil hij er wel iets over kwijt. Hij buigt zijn hoofd, sluit zijn ogen en prevelt: “Twee groepen inwoners van het Vuur heb ik (in mijn tijd nog) niet gezien: ,,Een volk met zwepen, als de staarten van de koeien, waarmee zij de mensen slaan. En vrouwen die gekleed doch naakt zijn. Heupwiegend en ook anderen hiertoe brengend. Hun hoofden zijn als de bulten van wiegende kamelen. Zij zullen het Paradijs niet binnentreden en zij zullen haar geur niet ruiken, ook al is haar geur waarlijk van verre te ruiken.” Larbi is een aanhanger van het Salafisme, een fundamentalistische stroming binnen de islam. Net zoals veel hipsters scheren Marokkaanse Salafisten hun hoofd, laten ze hun baard groeien, houden ze hun broekspijpen hoog en zijn ze voorzichtig met politiek incorrecte uitspraken. En toerisme, dat ligt sinds kort politiek erg gevoelig.

‘La vision 2020’ is een overheidsproject met als doel in 2020 twintig miljoen toeristen per jaar naar Marokko te krijgen. Overal in Marokko wordt druk gebouwd, waaronder in Taghazout. Maar liefst negen hotel/resorts, met in totaal 12.376 bedden. Burgemeester Bouaoud: “Een van de hotels is een surfhotel. Het krijgt rond de vierhonderd bedden. Verder komen er restaurants, bars, supermarkten, surfshops, alles wat toeristen nodig hebben. Het gaat veel banen creëren en de mensen van Taghazout rijk maken.” Een puik plan dus, volgens de burgemeester. Maar denkt de rest van Taghazout dat ook? Officieel wil niemand kritiek uiten op het project, want kritiek is gevaarlijk. Vorige maand nog heeft de geheime dienst de imam gewaarschuwd omdat hij te kritisch was op de overheid. Zonder naamsvermelding willen er toch wat mensen praten. “Voordat het project van start ging, in 2003, kwam de koning hier een paar keer naartoe. Zijn bodyguards deelden taxivergunningen uit en daarna kreeg de lokale jeugd baantjes bij de politie, het leger en de brandweer, om onrust tegen te gaan. Vervolgens werden de mensen die op het land van het project woonden verplaatst naar andere gebieden, vaak in Agadir. Alles ging tegen de vlakte. De hotels en resorts worden gebouwd door rijke Saudische vrienden van de koning. De koning is hierdoor nog veel rijker geworden.” Iemand anders met een toeristisch bedrijf voorspelt: “Ik verwacht dat in Taghazout de restaurants, surfkampen en surfshops gaan verdwijnen. Het project krijgt meer dan 10.000 bedden. Die komen in het begin nooit vol, het is te massaal. De eigenaren, vriendjes van de koning, zullen dan gaan klagen over de concurrentie vanuit het oude Taghazout. Binnen twee jaar zullen inspecteurs, met een boekje vol nieuwe regels in de hand, de meeste bedrijven in Taghazout sluiten. We betalen nu ieder jaar de politie en wie het meeste geld betaalt wint. Van het project kunnen we nooit winnen.” Een surfkamp eigenaar: “Ik ben al bezig om een ander bedrijf op te zetten, van het project verwacht ik niks goeds. Heel misschien verhuis ik met mijn surfkamp naar Anza, dat is ver weg van het project dus daar komen minder problemen met de overheid. Maar het is waarschijnlijker dat ik gewoon helemaal stop.” Lassan ziet het zo zwaar niet in. Zijn restaurant, Aftas, ligt aan het strand, in de baai. Eén van de mooiste locaties van het dorp. Hij en zijn restaurantje lijken de laatste overblijfselen van de jaren zestig cultuur. Beiden ademen een hippie sfeer. “Veertig jaar geleden was hier niets, er woonde hier niemand. De vissers sliepen hier als ze te laat van zee terugkeerden om nog naar hun dorpjes in de bergen te lopen. Eind jaren zestig kwamen de eerste toeristen hier, de hippies. Ze sloegen hun kamp op tussen het dorp en Devils Rock, aan het strand. Ik hing daar vaak rond als kind, zwom naakt en surfte op een stuk hout van een palmboom. Ik was de eerste Marokkaanse surfer! In 1986 ben ik Aftas begonnen. Er waren toen veel minder toeristen dan nu. Als het project straks klaar is blijven hier denk ik nog steeds meer mensen komen dan in de jaren tachtig. Dus voor mij is het allemaal best, het maakt me niets uit.” Lassan heeft verschillende soorten toeristen zien komen en gaan. “De surfers waren ook hippies, in het begin. Nu niet meer. Ze hebben geen wijsheid meer, weten niets van de natuur, van het water. Het zijn consumenten.”

Wat deze consumenten nu zo aantrekt blijft een mysterie. Wie zich tijdens zijn derde wintersportvakantie nog steeds de billen blauw valt op het beginnersheuveltje kiest over het algemeen voor andere vakanties. Maar met surfen werkt dat kennelijk niet zo. Hoe dan ook, zolang surfers hun verblijf in het paradijs bekostigen met het opzetten van een toeristisch bedrijfje zal iedere wereldspot door deze surfvakantiegangers overlopen worden. En jongens zoals Larbi zullen de door ons gecreëerde surfcultuur roodverbrand en schaars gekleed voorbij zien trekken.

Fotograaf en reiziger Jeffry Ruigendijk runde van 2005 tot 2009 een surfcamp (het toenmalige Smashed Travel, nu Adventure Keys) in Taghazout met business partner Youness.

Wil je meer artikelen als deze lezen, wordt dan voor het gemak abonnee zodat je geen nummer meer hoeft te missen!