O’Neill vond het tijd voor een goede surfwedstrijd, een ouderwets potje surfen

gestript tot de essentie. Man tegen man, land tegen land in golven die er toe
doen. Er werd wat gebeld en rond gemaild om twee representatieve landenteams
samen te stellen, juryleden werden geronseld en de pers werd in stelling
gebracht. De O’Neill Philips Face 2 Face was een feit. Met goede golven als
uitgangspunt vielen Nederland en België direct af als strijdtoneel. Frankrijk
bood uitkomst. Uitvalsbasis voor de missie werd Board ‘n Breakfast in het mooie
Labenne Ocean, alwaar Anton de Desmedt en Ine Schuurmans de voltallige crew
trakteerden op Belgische gastvrijheid. Naast eeuwige roem viel er ook nog wat te
verdienen, duizend euro voor de winnaar en nog eens 250 euro per persoon voor
het winnende team. Met alle randvoorwaarden afgevinkt, was het slechts hopen
op goede swell.

Tekst: Martijn Boot
Beeld: Jan Bijl/O’Neill

Na een ronduit matige zomer in het doorgaans toch golfzekere Frankrijk leken de goden ons gunstig gezind. Er was swell onderweg, en niet zo’n beetje ook. De eerste regenachtige dag kwamen de golven nog langzaam op gang om vervolgens niet aflatend door te beuken met, niet geheel onbelangrijk, gunstige wind en als slagroom op de taart een welkome portie zon. De opzet van de contest was eenvoudig, k leinschalig en effectief. Geen immense jurytoren of een uitgebreid deelnemersveld, maar slechts vier man per team, drie juryleden, een wedstrijdleider en genoeg volk om de actie vast te leggen op foto en video. Al met al nog een fikse crew, maar mobiel genoeg om op het juiste moment op de juiste plek te zijn. A ls gezegd ging het om mantegen- mangevechten. Eerst moesten de heren, bij wijze van sparringronde, tegen hun eigen teamgenoten strijden om vervolgens man tegen man het buurland te bestrijden. Degene met de meeste gewonnen heats mocht zich uiteindelijk de winnaar noemen en het land met de meeste heatwins won het landenklassement. Helaas waren zowel Yannick de Jager als Lars Musschoot verhinderd, maar beide landen beschikken over voldoende talent. Voor België betraden Niels Musschoot, Sebastian Brugmans, Matt Marcantuoni en Mathias Vanoverbeke het strijdtoneel. De Hollandse equipe bestond uit Pascal van der Mast, Jelle de Roode, Thomas van Dijk en Remi Petersen. Laatstgenoemde bleek de Hollandse troef. Waar het doorgaans de Belgen zijn die met een crew aan de start verschijnen die nog maar zelden in de Noordzee surft, was de Hollandse hoop ditmaal gevestigd op de achttienjarige Remi, zoon van een Hollandse moeder en Deense vader. Remi woonde tot zijn vijfde in Holland om vervolgens op te groeien in het Zuid-Afrikaanse J-Bay. Dat een van de beste pointbreaks in je achtertuin een positieve uitwerking op je surfkwaliteiten heeft, bleek al snel.

Reeds na de eerste surfsessie was het voor mij wel duidelijk. Remi zou geen enkele heat gaan verliezen en verliezen en met de voorspelde omstandigheden zou hij, naar mijn bescheiden mening althans, het voltallige deelnemersveld ruimschoots achter zich laten. Een mening die overigens niet alleen ik was toebedeeld. Remi’s vader, die ook van de partij was, wist het zeker: zijn zoon zou met de hoofdprijs aan de haal gaan. Prettig natuurlijk al dat vertrouwen, maar het moest wel nog even waargemaakt worden. Tijdens de eerste competitiedag moesten de mannen met de billen bloot. Na een bosrijke wandeling door de plaatselijke homoontmoetingsplaats arriveerden we bij een verlaten zandbank die het strijdtoneel zou vormen voor het nationale onderonsje. De vers inkomende swell zorgde voor mooie headhigh surf met af en toe een goede uitschieter naar boven. De juryleden klapten hun strandstoelen uit en de cameracrew nam positie in, tijd voor de jongens om hun landgenoten te lijf te gaan.
 

Bij de Belgen was het Sebastian Brugmans. die op overtuigende wijze al zijn heats wist te winnen. Ook Nederland kende een overtuigende winnaar in de persoon van Remi Petersen. Met een stijl en souplesse die zijn Zuid-Afrikaanse roots niet verloochenden, maakte hij zijn favorietenrol meer dan waar. Nu de opwarmronde er in sneltreinvaart doorheen gejaagd was, had de organisatie de luxepositie om voor de resterende wedstrijddag de optimale condities af te wachten. Met een piekende swell die eigenlijk te groot was voor de plaatselijke beachbreaks was het een kwestie van geduld. In afwachting van de wedstrijd was er natuurlijk ruimschoots de tijd voor de nodige film- en freesurfsessies en het onvermijdelijke facebooken. Het surfhuis van Anton en Ine is bijzonder fraai en gunstig gelegen, binnen een half uur ben je zowel in Biarritz in het zuiden als Hossegor in het noorden. Naast goede bedden, een relaxte huiskamer en dito tuin hebben ze ook wifi. Een onontbeerlijke randvoorwaarde, zo bleek. Waar in vroeger tijden de surftrip bij uitstek geschikt was om sterke verhalen uit te wisselen onder het genot van een koude pils, is de moderne surfer vooral op zoek naar een bruikbaar internetsignaal. Bijzonder handig natuurlijk om altijd online te kunnen, maar niet altijd even gezellig. Het was dan ook niet ongebruikelijk om de voltallige crew, behalve Thomas dan die nog ouderwets boeken leest, achter zijn laptop aan te treffen, al dan niet met koptelefoon. Gelukkig waren er nog de maaltijden om iedereen even uit zijn cocon te sleuren voor wat menselijke interactie. Anton en Ine lijken als geen ander te weten dat er geen beter sociaal smeermiddel is dan lekker eten. En lekker was het. Ik weet niet wat die ASP-jongens voorgeschoteld krijgen tijdens hun wedstrijden, maar met elke dag huisgemaakte taart, mousse of tiramisu hadden wij niets te klagen.

Enfin, terug naar het surfen. Nu iedereen lekker ingesurft was en de golven wat meer lijn hadden was de dag aangebroken om te zien wie nu echt de man is. Na een vroege surfcheck door wedstrijdleider KT en teamcaptains Niels en Pascal, werd de call gegeven. ‘Casanova’, een break op nog geen kilometer van het huis, moest het worden. Een eerste aanblik vanaf de duintop was indrukwekkend, dikke lijnen, geen wind en een knallende zon. Zoals wel vaker in Frankrijk leek het in eerste instantie vriendelijker dan het daadwerkelijk was. Zo eens in de zoveel tijd roste een dikke clean-up set door de line-up, wat de deelnemers nog het nodige aan peddelpower en ballen zou gaan kosten. Aan Niels, Pascal en Remi de eer om even te checken hoe surfbaar het was. Hoewel stevig en af en toe wat onvoorspelbaar, was de eindconclusie dat er zeker te surfen viel. Tijd voor de eerste heats. Direct vanaf de start leek het een dag voor Team Holland te worden. Geheel volgens de verwachting wierp Niels zich onverschrokken over de rand van een paar dikke bakken, maar echt in zijn element wilde hij niet raken. Matt ging tot het uiterste, maar was net even te vaak de k los, waardoor hij vooral veel lag te peddelen. Sebastian surfte strak en stijlvol en bleek de man-to-beat bij de Belgen, maar toen Mathias opgaf wegens aanhoudende hoofdpijn en algehele lamlendigheid was het eigenlijk al gedaan. Ondertussen groeiden onze jongens in de wedstrijd. Jelle en Thomas pakten hun golven en wat puntjes. Pascal werd met elke heat beter en Remi was simpelweg de man. Waar de meesten vooral bezig waren met peddelen, overleven en puntjes sprokkelen, was Remi in zijn element. Een verticale lipper hier, nog even een snelle barrel of een tailslide in de manshoge shorebreak, het ging allemaal met speels gemak en overtuiging. Zoals wel vaker in teamsporten leek het ene team te groeien terwijl het andere langzaam instortte. Terwijl bij Team België de moraal langzaam onder het nulpunt daalde, stonden onze jongens schouder aan schouder, onder aanvoering van Remi’s pa, elkaar aan te moedigen, shaka’s te gooien en te coachen. Sebastian hield de spanning er nog enigszins in, maar aan de einduitslag deed dat niets meer af. Remi pakte de hoofdprijs en Team Holland mocht zich de winnaar noemen.

Na een gastronomische en computervrije barbecue besloten de Belgen huiswaarts te keren. Of het aan de nederlaag lag of aan de naderende Domburg Classic, was niet helemaal duidelijk. Maar jammer was het evengoed. Voor de resterende dagen zagen de omstandigheden er namelijk bijzonder goed uit. Nu de competitiedruk van de ketel was, konden er nog wat lekkere barrelshots geschoten worden. Met top golven, goede surfers en fotograaf Jan Bijl stand-by werd er lustig gezocht naar een dumpende shorebreak. Niet zonder resultaat overigens, want de Franse breaks maakten hun reputatie meer dan waar. Terwijl Team Holland zich in wat holle zuigers wierp, konden ook de overige crewleden hun golfjes pakken. Met dank aan Anton besloten we de trip dan ook in perfecte surf zonder ook maar een Fransman, op wat naakte kerels in de shorebreak na, in de buurt. De O’Neill Phillips Face 2 Face was een succes. Een gastvrij onderkomen met onwaarschijnlijk lekker eten, een strakke organisatie, top surf en genoeg actie om tijdens de volgende editie genoeg sterke verhalen over uit te kunnen wisselen. Om kort te gaan, voor herhaling vatbaar. Remi, uitroepteken! Tot die tijd weet Nederland zich echter de onbetwiste winnaar.