”Het wordt hier wel steeds drukker hè?” Het is ondertussen een uitspraak die ik op elke plek wel lijk te horen. Sinds ik jaren geleden surfen als leidraad ben gaan gebruiken voor de plekken die ik bezoek, mijn geld grotendeels bij vliegtuigmaatschappijen uitgeef en continu op zoek ben naar nieuwe spots, kan ik dit fenomeen ook alleen maar beamen. Noosa, Bali , Sri Lanka en ‘of all places’ Scheveningen niet te vergeten. het wordt overal drukker. En daar draag ik zelf ook gezellig aan bij, daar ben ik me natuurlijk ook bewust van. Toch weegt dat niet op tegen het delen van de stoke.



Afgelopen jaar stond ik weer voor de keuze wat de bestemmingen voor deze winter zouden worden. Dit schrijvende voel ik me stiekem een beetje een verwend nest. Natuurlijk creëer ik deze mogelijkheden zelf, maar als ik in ergens in de rimboe van pak ‘m beet Indonesië zou zijn geboren, had alles er toch net iets anders uit gezien. Cliché, maar niet slecht om af en toe even bij stil te staan. Maar goed, de winter stond dus voor de deur. Dit jaar een bijzondere winter omdat ik met mijn vriendin letterlijk en figuurlijk in het diepe wilde springen. Samen de wereld over, surfen en ‘field research’ voor Single Fin verrichten, een absolute droomwinter dus.

Na weken van surf reports en Google Maps bestuderen kwamen we met een plan. Een plan waarvan één bestemming, die als ik een bucket list bij zou houden, met vlag en wimpel bovenaan zou staan. Een golf die al jaren tot mijn verbeelding spreekt en me ieder jaar weer lokt om er heen te gaan. Maar ook een golf waarvan ik eigenlijk al aannam dat deze, vanwege zijn beroemde status en het almaar drukker worden van alle spots, een hoge crowdfactor zou hebben. Ik heb het over ‘The lost jewel of Latin America’: Chicama in Peru. Met 2,2 kilometer lengte ’s werelds langste lefthander.

Chicama

Chicama werd in 1967 als eerste ‘ontdekt’ door de Hawaïaanse surfer Chuck Shipman. Net als filmmaker Bruce Brown (Endless Summer), was Shipman rond dezelfde tijd ook op zoek naar de perfecte golf. Op dat moment was er nog niets bekend over surfmogelijkheden buiten Lima, laat staan een Stormrider Guide zoals wij die kennen. Shipman bestudeerde grote, gedetailleerde kaarten van Peru en zocht nadrukkelijk op ‘headlands’, waar swells met de meest voorkomende swellrichting netjes omheen zouden buigen. Hij identificeerde drie veelbelovende plaatsen boven Lima; Viru, Chicama en Pacasmayo. Shipman moedigde fotojournalist Joaquin Miro Quesada aan om een expeditie op te zetten naar de noordwest kust van Peru. Ze filmden Viru, Pacasmayo en een spot genaamd Chiclayo, maar slaagden er niet in om de ‘dirtroad’ naar Chicama te vinden. Pas veel later in het vliegtuig, op de terugweg van de World Surfing Championships in Punta Roca nabij Lima, aanschouwde Shipman Chicama vanuit het kleine vliegtuigraampje. Hij kon zijn ogen niet geloven toen hij de kilometerslange golf zag. Op dat moment kon hij echter niet even omkeren. Eenmaal thuis in Hawaï, stuurde hij zijn Peruaanse vrienden een brief over de plek. Zij vonden de weg naar Chicama en waren de eersten die de point surften. Hoewel Shipman en zijn vrienden officieel de pioniers waren, zijn er reports van lokalevissersmannen die 3000 jaar geleden al op ‘caballitos de totora’, een soort rieten bootjes, de golven van Chicama surften en locals zelf houten boards bouwden. Zij hielden Chicama tot 1967 geheim.



Precies vijftig jaar later rijden wij zelf in de bus op deze befaamde dirtroad in het midden van de woestijn. Iets minder nostalgisch, dat wel. Geen oude kaarten of kompassen die we gebruiken, maar ‘gewoon’ internet research en wat goede tips van Michiel Six die er onlangs ook is geweest. Ik voel, net als tijdens mijn eerste surftrip lang geleden, weer kriebels in mijn buik. Geen kriebels van spanning, maar van grote nieuwsgierigheid en stoke. Zal het echt zo bijzonder zijn als ik voor ogen heb? Zal het inmiddels niet al overspoeld worden door surfers? We komen aan en mijn mond valt open van verbazing. Wat een freak of nature. Golven breken als een geoliede machine recht voor onze neus. Honderd procent perfectie. En, geloof het of niet, met maar een handjevol surfers in de line-up. Als kleine kinderen die in de rij staan voor een attractiepark stuiteren we in het rond. De vermoeidheid van de lange reis verdwijnt als sneeuw voor de zon. We weten niet hoe snel we ons om moeten kleden en het water in gaan. Met nog een tollend hoofd van de jetlag en de lange reis lopen we langs de point naar het uiteinde van de headland. Deze wandeling is het begin van vele die nog gaan komen de volgende dagen. Een wandeling die onlosmakelijk aan deze point verbonden is, gemaakt door een ieder die hier voor ons was. Het is een vast onderdeel van een sessie hier want door de sterke stroming is terug peddelen naar de take-off zone niet te doen. Tegenwoordig omzeilen veel surfers deze wandeling met een speedbootje. Maar ik houd niet van speedbootjes. Zeker niet in combinatie met een sport die zo dicht bij de natuur staat. Buiten het feit dat het niet duurzaam is, tast het de algehele beleving van het surfen van deze spot aan. Met andere woorden, wij liepen elke dag na het surfen van een golf weer de route langs de woestijnrand. Het ironische is, dat als ik terug denk aan Chicama, die wandeling me bijna evenveel bij is gebleven als het surfen zelf.

 

Elke ochtend liepen we eerst twintig minuten met z’n tweeën met aan onze linkerhand de opkomende zon vanachter de woestijn en aan onze rechterhand lijntjes die reikten tot aan de horizon. Het enige leven om kwart over vijf ‘s ochtends zijn wat krabbetjes die voor ons wegschieten en een handjevol pelikanen die over het water scheren. Nu ben ik te nuchter om het spiritueel te noemen, maar het kwam in de buurt. Langs de ‘route’ zijn er grofweg gezien twee opties om uit te peddelen: The Point of The Cape. The Cape is een fantastische golf als het iets kleiner is en The Point is de meest beroemde sectie van de golf. Een heerlijk steil wandje, ideaal voor lange noserides. Chicama bestaat uit meerdere secties die bij hele hoge swell aan elkaar kunnen linken. In dat geval is de golf 2,2 kilometer lang. In alle andere gevallen korter, maar zal het nog steeds hoogstwaarschijnlijk de langste rit van je leven zijn. Met de Dawn Patrol app, onlangs ontwikkeld door Nederlandse surfer Anton Bremer, heb ik zelf ook even het een en ander gemeten. Een golf waarop ik maar liefst 76 seconden kon blijven doorsurfen, en spaghettibenen in plaats van armen kreeg, was het resultaat. Met kilometers lang lopen en surfen, elke dag weer, heb ik in Chicama niet alleen de mooiste sessies beleefd, maar ook de vermoeiendste. Stil zitten is geen optie, omdat de stroming je van de take-off zone af laat drijven. Fit zijn is hier dus wel een vereiste. Maar de missie om hier te komen, elke stap en elke peddel, is het dubbel en dwars waard.



Chicama is inmiddels bekend onder vrijwel iedere surfer en is in veel media, waaronder The Inertia, naar voren gekomen. Daarom is het ook geen geheim om dit nu op papier te zetten. Het bijzondere echter van deze plek is, dat sinds de ontdekking van Shipman in 1967, het kleine havendorpje in het midden van de woestijn zich in tegenstelling tot andere highclass surfspots (thank God) nooit echt heeft weten te ontwikkelen tot surfattractie met grote resorts en dure hotels. Met een handjevol restaurantjes, een paar accommodaties en winkeltjes en vooral het kleine aantal surfers behoudt deze spot een integer karakter. Een bijzonder fenomeen gezien de beroemde status van deze plek en de groei van het aantal surfers. Het enige hotel dat er is, is meteen ook het tofste surfhotel waar ik ben geweest. Met gesigneerde foto’s aan de muur van iconen als Marc ‘Occy’ Occhilupo en Sofia Mulanovich, oude boards van Wingnut aan het plafond en een lokaal koppel als eigenaren voelt deze accommodatie ondanks z’n luxe toch heel persoonlijk en bijzonder aan.Het kan dus nog wel. Een legendarische golf met weinig crowds, mits je niet in de ‘drukste’ maanden gaat. Het surfen van Chicama was een ongelooflijk mooie ervaring en een hoogtepunt in de jaren die ik surf. Een golf waar we weer terugkeren, op 19 november om precies te zijn. Dit keer met een select groepje van Single Fin. We kunnen niet wachten om onze ervaringen te delen en mensen te laten kennismaken deze magische spot. ¡Hasta pronto Chicama!

Tekst: Nienke Duinmeijer

Beeld: Wilson Flores , Nienke Duinmeijer


Voor de Single Fin trip Chicama  in 2018 check je voor meer info singlefinsurftravel.nl

 

Dit artikel komt 6|surf magazine #1 2017. Het volledige magazine kan je hier bestellen. Word voor het gemak abonnee, zodat je alle uitgaves van 6|Surf als eerste thuis bezorgd krijgt.